Verlag van de kerkvisitatie van de parochie Nunhem op 4 mei 1711

tijdens het pastoraat van Petrus Becx door Ferdinand M. Paul de Berlo, aartsdiaken van Kempenland, opgemaakt volgens het schema van G. Simenon (Bron: Archief bisdom Luik FI 35-41)

KERK: Middenkerk; de begever is de proost en het klooster van Keizersbosch.

TIENDEN: De proost en het klooster van Keizersbosch bezitten de grote tienden.

PASTORAAT: De pastoor bezit het derde deel der tienden en ontvangt daarenboven uit andere tienden 120 gulden en nog andere inkomsten die alle te samen 500 gulden bedragen, buiten de accidentaliarechten.

KERKFABRIEK: De inkomsten bedragen 17 gulden; de rekeningen worden jaarlijks bij de pastoor en de inwoners ingediend; kerkmeester is Theodoor Praetorius.

BENEFICIES: Er zijn twee altaren maar geen van beide heeft een fundatie.

KOSTERIJE: Het kostersschap is een jaarlijks ambt (1711); koster is Hendrik Vermeulen, gehuwd.

KERKGEBOUW: Aan de inwoners wordt bevel gegeven hun kisten uit de kerk weg te halen.
KERKGEBOUW-HOOFDALTAAR: Op het hoofdaltaar ontbreekt een schilderij en daarom wordt de groottiendbezitter aangemaand om daarvoor zo spoedig mogelijk te zorgen.
KERKGEBOUW-DE HEILIGE VATEN: Er is een zilveren kelk, een kleine pixis die dienst doet als ciborie, een zilveren monstrans, zilveren pixissen voor de H. OliŽn.
KERKGEBOUW-DE ORNAMENTEN: Er zijn maar weinig ornamenten, die versleten zijn; er ontbreekt een graduale; er is geen sacristie.
KERKGEBOUW-ZIJALTAREN: Er zijn twee zijaltaren maar geen van beide heeft een fundatie.
KERKGEBOUW-REGISTERS: De pastoor heeft een register van de dopelingen, huwenden en overledenen.
KERKGEBOUW-DOOPVONT: De doopvont is in tamelijk goede staat en goed afgesloten.

ARMENTAFEL: Volgens de pastoor bedragen de inkomsten tien gulden; armenmeester is Johan Verhaegen.

SCHOOL: Koster Hendrik Vermeulen houdt tijdens de wintermaanden school.

VARIA: Er is geen vroedvrouw, maar zij wordt uit Horn of Neer opgeroepen; er wordt zoals elders verbod opgelegd om op Aswoensdag feestmalen en tijdens de goddelijke diensten drinkpartijen te houden.